Verbreden/verdiepen mobiliteitsplan Sint-Martens-Latem

PlaatsGemeente Sint-Martens-Latem
OpdrachtgeverGemeentebestuur Sint-Martens-Latem
Datummei 2016

De gemeente Sint-Martens-Latem heeft in 2013 besloten om haar gemeentelijk mobiliteitsplan te herzien volgens de voorgeschreven richtlijnen van de Vlaamse Overheid departement Mobiliteit en Openbare Werken. Door middel van het sneltoetsformulier werd bepaald dat het mobiliteitsplan van Sint-Martens-Latem verbreed en/of verdiept moet worden (spoor 2).

Patrick Maes staat samen met studiebureau BVP in voor het verbreden en verdiepen van het gemeentelijk mobiliteitsplan. Er werden vier thema’s onderzocht :
- woonontwikkeling Hoog-Latem
- parkeren in de dorpskernen
- ontsluiting woonparkgebied
- categorisering wegennet

In het nieuwe beleidsplan wordt gekozen voor een beperkte maar duurzame groei. Volgens het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Afbakening Grootstedelijk gebied Gent’ kunnen de randstedelijke woongebieden van Hooglatem in fases worden aangesneden, voor zover het noodzakelijk hoogwaardig openbaar vervoer is gerealiseerd. De kernen dienen voorzien te worden van lokale voorzieningen met de bedoeling het aantal verplaatsingen te beperken en de modal split te beïnvloeden. Bovenlokale functies zijn in de kernen niet gewenst. Ook de natuurgebieden dienen in elk geval te worden gevrijwaard van andere ontwikkelingen. Op de N43 zijn inbreiding en functievermenging twee kernbegrippen en deze gemengde as (handel, wonen) moet als een hoogwaardige openbaar vervoersas worden uitgebouwd. Veilige oversteken voor de zwakke weggebruiker zijn een must. Ook de verbinding met het station van De Pinte en de ontsluiting van de kernen moet van hoogstaande kwaliteit zijn voor alle weggebruikers (comfortabele fiets- en voetpaden, voldoende parkeerplaatsen).

De leefbaarheid van alle verblijfsgebieden staat voorop. Dit zal vertaald worden in een algemene invoering van de zone 30 in alle woonstraten en komt zowel de objectieve als de subjectieve verkeersveiligheid ten goede.

Aandacht gaat naar duurzame mobiliteit. Openbaar vervoer wordt geoptimaliseerd en de aandacht voor de zwakke weggebruiker wordt verhoogd. De auto wordt minder gefaciliteerd in de kernen door een aangepast parkeerbeleid. Dit moet immers de leefbaarheid en de beleving van de kernen, musea en voorzieningen verbeteren. Er wordt een fijnmazig en veilig fietsroutenetwerk ontwikkeld met als kapstok de langeafstandsfietsroute langsheen de spoorlijn Gent-Deinze.